Impulsprogramma Vlaamse Regio's 2012

kinderen bos
Toerisme Vlaanderen wil via het impulsprogramma Vlaamse Regio's investeren in projecten die de toeristische meerwaarde van de Vlaamse Regio's vergroten. De nadruk ligt daarbij op projecten die bijdragen tot een kwalitatief fysiek en virtueel toeristisch onthaal en projecten die de positionering en identiteit van Vlaanderen en van de regio versterken.

Goedgekeurde projecten Impulsprogramma Vlaamse Regio's 2012

Hieronder vind je een overzicht van de ingediende projecten voor het Impulsprogramma Vlaamse Regio's die in 2012 mochten rekenen op een subsidie. Klik in de tabel op de naam van het project voor meer informatie.

ProjectnaamAanvragerSubsidiebedrag
Antwerpen
Belevingswijzers TurnhoutStad Turnhout61 838 euro
Toeristische poort EssenVVV Toerisme Essen vzw67 193 euro
Limburg
Wandelgebied Oud-Rekem & HerbrichtRegionaal Landschap Kempen & Maasland vzw71 160 euro
Mijnterril wordt avonturenberg: opmaak van detailontwerp en uitvoeringsdossier fase 1Stad Beringen44 903 euro
Abdijsite Herkenrode aanleg voorplein, tuinmuur en bezoekerssanitair kruidentuinErfgoed Vlaanderen vzw57 292 euro
ZandloperpadRegionaal Landschap Kempen & Maasland vzw116 960 euro
Verborgen Moois in Haspengouw: op weg naar een complete HaspengouwbelevingRegionaal Landschap Kempen & Maasland vzw68 814 euro
Manifesta 9Stichting Manifesta 9 Limburg71 340 euro
Pleisterplaatsen op het ruiter- en menroutenetwerk Limburgse KempenToerisme Limburg vzw59 169 euro
Oost-Vlaanderen
Randinfrastructuur langs het fietsnetwerk WaaslandToerisme Oost-Vlaanderen vzw71 160 euro
Herinrichting en modernisering van het toeristisch infokantoor van DendermondeStad Dendermonde163 402 euro
Interreg IVA Grenzeloos Wandelen, pilot monitoringsysteem m.b.t. wandelenToerisme Oost-Vlaanderen vzw13 630 euro
Digitale stedelijke erfgoedroutes in de Vlaamse ArdennenToerisme Vlaamse Ardennen vzw66 913 euro
Botterproject "Rosalie"Scheepvaartmuseum Baasrode vzw87 931 euro
Vlaams-Brabant
De versterking van de toeristisch-recreatieve ontsluiting van het kasteel van HorstErfgoed Vlaanderen vzw207 989 euro
Wandelnetwerk Pajottenland - fase 3Toerisme Vlaams-Brabant vzw105 191 euro
Archeo-historische site Herogelijk Paleis van TervurenGemeente Tervuren308 534 euro
Herinrichting regionaal toerismekantoor Halle, fase 2Toerisme Halle85 598 euro
Ontwikkeling van het Markpad als ruggengraat van de uitbreiding van het 'wandelnetwerk Pajottenland' naar Herne, Galmaarden en BeverGemeente Herne22 788 euro
West-Vlaanderen
Inrichten Schepenhuys tot hedendaags toeristisch infokantoorGemeente Beernem12 976 euro
Optimalisatie Onthaal Toerisme Diksmuide - fase 2 interpretatieruimte stad en streekStadsbestuur Diksmuide290 064 euro
Herinrichting van het Vlasmuseum - fase 2Stad Kortrijk554 059 euro
Toegankelijk maken van stadhuis en landhuis m.i.v. 'het verhaal achter het front'Stadsbestuur Veurne124 868 euro

 


Belevingswijzers Turnhout
De doelstelling van het project is een uitgekiende toeristische voetgangersbewegwijzering aan te brengen, naar en tussen toeristische bestemmingen in het centrum van Turnhout, en ook informatieborden aan de bestemmingen zelf. Dit moet bijdragen tot een betere ontsluiting van de toeristische troeven die worden bewegwijzerd en/of van informatie worden voorzien. Maar de belevingswijzers verhogen ook de aantrekkelijkheid van de stad als geheel voor toeristen, dankzij een betere leesbaarheid. De toerist voelt zich meteen wegwijs en goed onthaald in een kleine, wandelbare, overzichtelijke stad. Daarbij kan hij zijn persoonlijke keuzes maken. Naast culturele en vrijetijdsattracties worden ook belevingszones en specifieke themazones opgenomen, met aandacht onder andere voor shopping, genieten van de horeca en groene ruimtes. Een begeleidende brochure met kaart die de bewegwijzerde locaties en gebieden overneemt, helpt de toerist zijn keuzes te maken. Het project sluit aan bij de ambitie van Turnhout als centrumstad en zal met name een belangrijke ondersteuning zijn van "Turnhout Cultuurstad van Vlaanderen 2012".

Aanvrager: Stad Turnhout
Subsidiebedrag: 61 838 euro

Naar overzicht


Toeristische poort Essen
Op 24 juni 2006 werd er al een subsidie toegekend aan het project “Het onthaalcentrum De Tasberg” door Toerisme Vlaanderen. In dat goedgekeurde subsidiedossier was reeds gemeld dat er nog verdere ontwikkelingen in kader van het onthaal op komst waren. Dit project is hierop een vervolg.

De Tasberg ligt op de erfgoedsite samen met café-restaurant De Kiekenhoeve en het Karrenmuseum met in de nabijheid het station van Essen. Het Karrenmuseum is momenteel met Leader-subsidies een onthaalcentrum aan het inrichten tegenover De Tasberg, op slechts 17m afstand. Hierin is ook plaats voorzien voor een virtuele turfshow over de turfontginningen in de streek tussen 1350 en 1750.Tevens komt er een openbaar toegankelijk toilet.

De vzw wil de buitenomgeving vóór De Tasberg inrichten voor de bezoekers van beide onthaalcentra. Zo zal de omgeving uitgerust worden met ondermeer picknicktafels waaraan ook rolstoelgebruikers kunnen plaatsnemen, en een opplaadpunt voor elektrische fietsen.

De ondergrond wordt geëffend en verhard zodat rolstoelgebruikers gemakkelijk beide onthaalcentra kunnen bezoeken. Omdat het Grenspark een paar kilometers van De Tasberg is verwijderd, zullen langs de routestructuren zitbanken en picknicktafels worden geplaatst. Enerzijds om een betere toeristische spreiding te hebben over een groter gebied en anderzijds om de toerist die het Grenspark wil bezoeken verpozingplaatsen aan te bieden.

Juist voor het Grenspark zal deze toegang worden voorzien van een blokhut met chemisch toilet, een fietsenstalling, parkeerplaatsen en panelen met info over de drinkwatervoorziening in de streek (200m van de PIDPA-waterfilters).

Aanvrager: VVV Toerisme Essen vzw
Subsidiebedrag: 67 193 euro

Naar overzicht


Wandelgebied Oud-Rekem & Herbricht
Sinds 2005 is er een samenwerkingsovereenkomst tussen RLKM vzw en de Provincie Limburg met betrekking tot een geïntegreerd project voor de Maasvallei. Dit project kadert in het beleid van de Grote Landschappelijke Eenheden (GLE) dat de provincie uitvoert in samenwerking met de Regionale Landschappen. Het beoogt een synergie tussen de ontwikkeling van de natuurlijke, landschappelijke, toeristische, recreatieve en educatieve kwaliteiten van de Maasvallei. In dit verband wordt in elk van de 8 wandelgebieden een kwaliteitsvol wandelaanbod uitgewerkt zodat er een wandelnetwerk gecreëerd wordt langsheen de volledige Grensmaas. Het wandelgebied OUD-REKEM & HERBRICHT is de invulling met vijf kwaliteitsvolle wandellussen van het vijfde wandelgebied in het wandelnetwerk van de Maasvallei. Er wordt een aantakking voorzien naar het wandelgebied 'Vucht & Eisden' (wandelnetwerk Maasvallei), en naar Pietersheim (wandelnetwerk Hoge Kempen). Ook wordt er een landschapsimpuls gegeven om de belevingswaarde van de directe omgeving te verhogen.

Aanvrager: Regionaal Landschap Kempen & Maasland vzw
Subsidiebedrag: 71 160 euro

Naar overzicht


Mijnterril wordt avonturenberg: opmaak van detailontwerp en uitvoeringsdossier fase 1
Op basis van het haalbaarheidsonderzoek (betoelaagd in 2011) wordt voorgesteld om de mijnterril van Beringen te ontwikkelen tot een ‘avonturenberg’. Gelet op de fasering van het totaalproject be-Mine wordt in een eerste fase de noordelijke zone van de terril ingericht, aansluitend bij het Sporenplein. Men denkt op korte termijn o.m. aan wandelpaden, trappen en expoplateaus, een avontuurlijk pad, een vlonderpad doorheen de wadi’s en een mountinbikeparcours; op middellange termijn volgen glijbanen, info- en belevingsmodules en een klimparcours; op lange termijn mogelijk een rodelbaan. Het succes en het unieke van het project zal worden bepaald door het op maat en naar inhoud vormgeven van de verschillende onderdelen: paden, trajecten, spel- en doe-elementen, expoplateaus. Hierbij dient maximaal te worden ingespeeld op omgeving, reliëf, zichten en interactie met de mijngebouwen. Bij de opmaak van het ontwerp dient rekening gehouden te worden met diverse randvoorwaarden, o.a. naar toegankelijkheid, (spel)veiligheid, duurzaamheid, bodem (OVAM) en natuur (ANB). Deze fase omvat concreet de opmaak van een detailontwerp, een uitvoerings- en aanbestedingsdossier voor de elementen op korte en middellange termijn. Dit alles vraagt om een multidisciplinaire benadering: architectuur, landschapsarchitectuur, bouwkunde, communicatie en vormgeving.

Aanvrager: Stad Beringen
Subsidiebedrag: 44 903 euro

Naar overzicht


Abdijsite Herkenrode aanleg voorplein, tuinmuur en bezoekerssanitair kruidentuin
De Abdijsite Herkenrode is een belangrijke getuige van het groots verleden van Limburg. De overgebleven hoevegebouwen worden gerestaureerd, en samen met 100 hectare omliggende natuur opengesteld voor het publiek. In het verleden zijn reeds een aantal TRP-dossiers ingediend en goedgekeurd in het kader van de openstelling van de site voor het brede publiek.  Aansluitend op deze voorgaande investeringen wordt aan de voorzijde van de site, ter hoogte van het poortgebouw, een nieuw voorplein aangelegd.  Dit plein zal enerzijds dienst doen als verzamelplaats voor de bezoekers,  anderzijds zal dit plein een "park and ride" of afzetzone worden voor mensen met een beperkte mobiliteit.  Dit laatste is noodzakelijk omdat, gezien de eigenheid van de site (beschermd landschap en natuurgebied), de bezoekersparking op enige afstand van de site moest ingebed worden. 

Aanvrager: Erfgoed Vlaanderen vzw
Subsidiebedrag: 57 292 euro

Naar overzicht


Zandloperpad
Het Zandloperpad wordt een wandelpad met een volledig verhard traject van 2 km zodat het door begeleide of autonome rolstoelgebruikers en kinderwagens zonder problemen begaanbaar is. Het doel is in eerste instantie om personen met een fysieke beperking de mogelijkheid te bieden, om in de natuurlijke omgeving van het Nationaal Park Hoge Kempen, een belevingsvolle- en bewegingsvolle activiteit te doen. Op die manier wordt het Nationaal Park Hoge Kempen toegankelijk voor iedereen (verbreding doelgroepen), waarna arrangementen op maat kunnen worden uitgewerkt in samenwerking met de lokale logiessector (NWGK vzw Vakantiehuis Fabiola - groeps- en gezinsverblijven voor personen met een (fysieke) beperking). Het wandelgebied Mechelse Heide (waarin het Zandloperpad zal worden geïntegreerd) telde in 2011 ca. 113 000 wandelaars (55 % van het totaal aantal wandelaars in het Nationaal Park Hoge Kempen). De Mechelse Heide vormt hiermee hét wandelgebied bij uitstek om de natuurtroeven (heide, vennen … ) van de Hoge Kempen te ontdekken. Het Nationaal Park Hoge Kempen is uniek in Vlaanderen en wil een voortrekkersrol vervullen op vlak van recreatie, toerisme, sectoroverschrijdende projecten. Het Zandloperpad beoogt een voorbeeldproject te zijn voor andere initiatiefnemers in Vlaanderen voor het realiseren van een toeristisch-recreatief aanbod voor kwetsbare doelgroepen. Het Zandloperpad vormt het recreatief eindproduct in een sectoroverschrijdend overleg waarin win-winsituaties werden gecreëerd voor zowel industrie (herlokalisatie bedrijfssite), natuur (herbestemming natuur), en toerisme (ontwikkeling van toeristisch-recreatief belevingspad). Concreet gaat het om de inrichting en bewegwijzering van het wandelpad, het voorzien van randinfrastructuur zoals zitbanken, belevingselementen (6 doe-activiteiten), een teller, wandelkaart …

Aanvrager: Regionaal Landschap Kempen & Maasland vzw
Subsidiebedrag: 116 960 euro

Naar overzicht


Verborgen Moois in Haspengouw: op weg naar een complete Haspengouwbeleving

Met "Verborgen Moois in Haspengouw" wil de vzw verder invulling geven aan de realisatie en toeristisch-recreatieve ontsluiting van vijf nieuwe “Verborgen Moois” wandelingen en –sites en de ontwikkeling van extra beleving via een multimediatoepassing (smartphone en website). Ook wil de vzw het totale aanbod op een handige manier bundelen in een box. Met deze acties kan de recreant ook vanuit een bepaalde thematiek Haspengouw beleven. Bij de ontwikkeling van de nieuwe “Verborgen Moois” ligt in deze fase het hoofdaccent op het thema erfgoed, in het cultuurlandschap Haspengouw wellicht één van de voornaamste toeristische pijlers. Concreet zullen de onderstaande locaties als “Verborgen Moois” ingericht (infrastructuur) worden en zal er een verhaal ontwikkeld worden rond deze sites dat via smartphone en website toegankelijk gemaakt zal worden (multimedia - beleving):

  1. Belle Vue (Kortessem/Borgloon): erfgoedwandeling (4,5 km) in het kasteelbos van het kasteel Belle Vue, met een unieke kindvriendelijke vertrekplaats (thema "kastelen en kasteelparken")
  2. Mariënlof (Borgloon): erfgoedwandeling (5 km) in de vallei van de Kleine Herk waarbij het voormalige klooster Koolen/Kerniel, nu de abdij Mariënlof, op een belevingsvolle manier wordt ontsloten (thema "religieus erfgoed")
  3. Tumuli (Gingelom): erfgoedsites. Gingelom heeft drie belangrijke erfgoedsites met samen nog 6 intacte Romeinse grafheuvels. Deze sites worden toegankelijk gemaakt en er zal een unieke duiding komen (thema "oude verleden")
  4. Jonckholt (Bilzen): erfgoedsite met een verkenning van de fundamenten van een middeleeuwse burcht met dubbele slotgracht (thema "kastelen en kasteelparken")
  5. Millen (Riemst): erfgoedwandeling (5km) (thema landbouw – agrarisch erfgoed) in een op en top agrarische dorp. Duidelijk zichtbaar aan de gebruikte bouwmaterialen dat we in de "mergelstreek" zitten (thema "landbouwerfgoed & mergel")

Wat is “Verborgen Moois”?

“Verborgen Moois” zijn sites of landschapswandelingen waar je je kunt verwonderen over het landschap, bijzondere sites en de mooie natuur om je heen. Ze laten je expliciet kennis maken met de karakteristieken van het Haspengouwse landschap mbt: de natuur (beekvalleien en brongebieden), het erfgoed (kastelen en kasteelparken, Romeins verleden), de geologie (mergel), kleine landschapselementen (hoogstamboomgaarden, holle wegen…), het religieus verleden (kloosters en abdijen) etc.

Aanvrager: Regionaal Landschap Haspengouw en Voeren vzw
Subsidiebedrag: 68 814 euro

Naar overzicht


Manifesta 9
Manifesta is een reizende Europese Biënnale voor Hedendaagse Kunst. Om de twee jaar organiseert Manifesta op een nieuwe locatie in Europa een breed opgezette tentoonstelling voor hedendaagse kunst. Samen met evenementen zoals de Biënnale van Venetië en Documenta in Kassel zou Manifesta behoren tot de meest vooraanstaande kunstmanifestaties van Europa. Na locaties zoals Ljubljana, Slovenië, Trentino-Alto Adige, Italië en Murcia in Spanje, strijkt Manifesta voor haar negende editie deze zomer voor de eerste keer neer in Vlaanderen. Manifesta 9 (M9) zal van 2 juni t.e.m. 30 september plaatsvinden in het oude mijngebouw van Waterschei in Genk, Limburg. Vlaanderen viel op als een interessante regio, midden in het meest verstedelijkte gebied van Noordwest-Europa, die zijn plaats in een postindustriële samenleving constant aan het herdefiniëren is. Manifesta 9 focust op de geschiedenis van de voormalige mijnregio, de industrialisatie en de postindustriële positie. Om een breder publiek aan te trekken heeft Manifesta 9 het concept van het evenement aangepast. Zo vindt het evenement op één locatie plaats – in de vorige editie waren dit nog verschillende locaties – wat het onthaal en het bezoekerscomfort toegankelijker zal maken. En waar in de vorige edities van Manifesta vooral hedendaagse kunst aan bod kwam, hebben zij de programmatie uitgebreid naar oude kunst en erfgoed. De bedoeling hiervan is om het aantal bezoekers op te drijven. Naast de tentoonstelling bestaat de biënnale ook uit een uitgebreid randprogramma van activiteiten zoals symposia, lezingen, projecten en rondleidingen. Eveneens is er een parallelprogramma opgezet waar de culturele actoren uit de regio zich bij kunnen aansluiten en wordt er veel aandacht besteed aan het leveren van een totaalervaring van de regio voor (eu)regionale en internationale bezoekers. De komst van M9 zal – volgens de aanvragers – het toeristisch potentieel en de naamsbekendheid van Vlaanderen, Limburg en Genk een 'boost' geven door een groot, divers publiek aan te trekken naar de regio door middel van een uniek, kwaliteitsvol en prestigieus kunstevenement.

Aanvrager: Stichting Manifesta 9 Limburg
Subsidiebedrag: 71 340 euro

Naar overzicht


Pleisterplaatsen op het ruiter- en menroutenetwerk Limburgse Kempen
Om toekomstgericht van een echte paardenregio te blijven 0073preken in de Limburgse Kempen, neemt Toerisme Limburg een aantal initiatieven om het ruiter- en mennetwerk verder kwalitatief te ontwikkelen. De bewegwijzering van de routes is grotendeels afgerond. Momenteel wordt de kwaliteit van de routes verbeterd (veiligheid verhogen, verkleinen lussen, beleving verhogen). Een volgende fase in de uitbouw van het ruiter- en mennetwerk kan nu opgestart worden, m.n. de uitbouw van de uitrusting. Uit eerder gevoerd onderzoek bleek dat tijdens een tocht van gemiddeld 23 km, ruiters en menners 2 à 3 rustpauzes nemen en dit aan een horecazaak of in de natuur. Op basis van dit onderzoek werd in afstemming met de gemeenten en horeca een concept uitgewerkt voor de inrichting van pleisterplaatsen. Een pleisterplaats is een rustplaats op het ruiter- en mennetwerk, dat voldoet aan de specifieke behoeften van ruiters en menners. Op basis van het onderzoek werden criteria voor een pleisterplaats opgesteld, werd een onderscheid gemaakt in niveaus en een kostenraming opgemaakt. In een eerste fase wil men toppleisterplaatsen realiseren in het kerngebied van het netwerk (Noord-Limburg). Deze toppleisterplaatsen bieden een combinatie van natuur en horeca. In een tweede fase breidt men de uitrusting uit op 'witte vlekken' langs het netwerk en in een derde fase richt men de rest van het netwerk in in het zuidelijk deel. Na bevraging en controle van de criteria werden 10 locaties geselecteerd voor deze eerste fase: Camping Zavelbos (Opoeteren – Maaseik), De Groenen Hoek (Hechtel-Eksel), Den Houben (Grote Brogel – Peer), het Orshof (Neerglabbeek – Meeuwen-Gruitrode), het Franciscushof (Neerpelt), Goolderheide (Bocholt), Camping De Binnenvaart (Houthalen-Helchteren), ’t Kuipershof (Kleine Brogel – Peer), De Blauwe Maaten (Meeuwen-Gruitrode) en het Krekershof (Maaseik).

Aanvrager: Toerisme Limburg vzw
Subsidiebedrag: 59 169 euro

Naar overzicht


Randinfrastructuur langs het fietsnetwerk Waasland
Na de realisatie van een recreatief fietsnetwerk in alle Oost-Vlaamse regio's, maakt Toerisme Oost-Vlaanderen werk van de verhoging van de kwaliteit en beleving van de netwerken. Dit gebeurt, onder andere, door het realiseren van rust- en picknickplaatsen op locaties waar veel fietsers langskomen. Verder wordt gekeken naar de attractiviteit van de locatie en de aanwezigheid van horeca. In dit project wenst TOV dergelijke rustplaatsen te realiseren op het fietsnetwerk Waasland. De rustplaatsen worden ingericht met zitbanken en/of picknickbanken, vuilnisbak en fietsenstalling, variërend naargelang de geschiktheid van de locatie. Op sommige plaatsen wordt meer voorzien, vb. locaties met een belangrijke functie (knooppunten). de rustplaatsen worden toegankelijk gemaakt. Het meubilair wordt gekozen volgens dezelfde criteria als dat voor de reeds gerealiseerde regio's Leiestreek, Vlaamse Ardennen en Scheldeland, zodat er visuele eenheid in de provincie wordt gecreëerd. Er worden 13 locaties ingericht. De selectie van locaties gebeurde met inspraak van de gemeenten. Met de gemeenten werd hiervoor een samenwerkingsovereenkomst afgesloten.

Aanvrager: Toerisme Oost-Vlaanderen vzw
Subsidiebedrag: 71 160 euro

Naar overzicht


Herinrichting en modernisering van het toeristisch infokantoor van Dendermonde
Het stadsbestuur wenst het huidige Stadhuis van Dendermonde in zijn totaliteit verder toeristisch op te waarderen. Zowel voor de linker vleugel van het Stadhuis (de voormalige Lakenhalle) als voor het centrale Belfort (Werelderfgoed) loopt op dit moment reeds een project tot toeristische valorisatie (met steun van Toerisme Vlaanderen). Het eerste verdiep van het Stadhuis wordt bovendien door het stadsbestuur met eigen middelen opgewaardeerd. Hier is het vooral de bedoeling om de nadruk te leggen op het rijke kunstpatrimonium in het Stadhuis. De enige 'blinde vlek' tot op heden betreft het toeristisch infokantoor dat gelegen is in de rechtervleugel van het Stadhuis (gelijkvloers). De binnen-architectuur en inrichting van het huidige toerismebureau (met status Vlaanderen Infokantoor) dateren reeds van de periode 1986-1987. Ondanks beperkte tussentijdse opfrissingswerken, kan men niet om de vaststelling heen dat het huidige infokantoor sterk verouderd is qua infrastructuur en dienstverleningsconcept. Het stadsbestuur wenst daarom parallel met de toeristische valorisatie van Belfort en Lakenhalle over te gaan tot een grondige 'face-lift' van het toeristische infokantoor, met niet alleen een grotere publieksruimte maar ook een eigentijdse invulling (open balie, veel fotomateriaal, digitale toepassingen, ...). Bedoeling is om alle lopende projecten (en ook de herinrichting van het infokantoor) af te ronden tegen de zomer van 2014, wanneer Dendermonde met een groots programma wil uitpakken rond '100 Jaar Groote Oorlog'.

Aanvrager: Stad Denderdmonde
Subsidiebedrag: 163 402 euro

Naar overzicht


Interreg IVA Grenzeloos Wandelen, pilot monitoringsysteem m.b.t. wandelen
Het Interreg IVA project Grenzeloos Wandelen wil de wandelrecreatie in het grensgebied Vlaanderen-Nederland verder ontwikkelen en promoten. In het kader van dit Europees project worden door TOV 2 wandelnetwerken ontwikkeld: Bulskampveld (Aalter, ook West-Vlaanderen - geopend op 25 juni 2010) en Krekengebied (Sint-Laureins - opening voorzien juni 2012) . De ontwikkeling en promotie van deze wandelnetwerken maakt deel uit van een eerste dossier dat door TOV werd ingediend. Aanvullend wenst TOV, in samenwerking met andere partners in het Europese project, een pilot monitoringsysteem m.b.t. wandelrecreatie op te zetten. Het project is een vertaling van de methodologie voor het tellen van fietsers op de netwerken naar een methodiek voor het tellen van wandelaars. De andere betrokken partners zijn Westtoer, Toerisme/Provincie Vlaams Brabant en Toerisme Limburg/Regionaal landschap Lage Kempen. Toerisme Provincie Antwerpen volgt inhoudelijk op. Een onderzoeksmethodologie wordt uitgewerkt en gegevens worden verzameld. Dit gebeurt op de in het kader van het project ontwikkelde wandelnetwerken. Om tot een gedegen methodologie voor het tellen van wandelaars en de inschatting van het volume van wandelaars te komen, werd een testfase uitgewerkt in Bulskampveld binnen een samenwerkingsverband van Toerisme Oost-Vlaanderen, Westtoer en Toerisme Vlaams-Brabant.  Voor wat het kwalitatief luik (enquêtering en verwerking bevraging wandelaars) op het Wandelnetwerk Krekengebied betreft: uitvoering hiervan is gepland in 2013.

Aanvrager: Toerisme Oost-Vlaanderen vzw
Subsidiebedrag: 13 630 euro

Naar overzicht


Digitale stedelijke erfgoedroutes in de Vlaamse Ardennen
De geschiedenis van de Vlaamse Ardennen is gekoppeld aan het rijke cultuurhistorische verleden van de steden Geraardsbergen, Oudenaarde, Ronse en Zottegem. De vier stadjes zijn tevens bakens in het landschap waarvoor de Vlaamse Ardennen bekend zijn. Ze zijn uniek, kleinschalig en charmant en moeten meer worden uitgespeeld bij de promotie van het toeristische product “Vlaamse Ardennen”. De stadjes moeten historisch worden gekaderd en gerespecteerd in hun eigenheid. Ze moeten worden geprofileerd aan de hand van hun USP's. De relatie tussen de steden en het landschap moet tenslotte nog worden versterkt. Het uitwerken van digitale stedelijke erfgoedroutes (wandelen of fietsen) kan voor deze steden en de regio in die zin een belangrijke meerwaarde betekenen. Er worden voor elke stad 3 verschillende routes voorzien: een klassieke monumentenroute - een vroeger-en-nu-route  - een themaroute. Op die manier kan een totaalbeeld van de stad en de regio worden geschetst en zet het aan tot herhaalbezoek. In elke stad zullen dezelfde type routes uitgewerkt worden wat de uniformiteit van het project ten goede komt. Door gebruik te maken van digitale toepassingen (downloadbaar maken op internet, wifizone, smarthphone of gps, mobiele telefonie) krijgt het project tevens een meer eigentijds en duurzaam karakter die het gebruik van borden en bewegwijzering overbodig maken.

Aanvrager: Toerisme Vlaamse Ardennen vzw
Subsidiebedrag: 66 913 euro

Naar overzicht


Botterproject “Rosalie”

Dit botterproject "Rosalie" is een initiatief van de vzw Scheepvaartmuseum Baasrode, als onderdeel van het regionaal hefboomproject "Scheepswerven Baasrode", loopt over minimaal vier à vijf jaar en kent twee belangrijke luiken: 1. De nieuwbouw van een authentieke Baasroodse palingbotter, als historisch en streekeigen schip, naar een origineel model, op de site van de Scheepswerven Baasrode.  Hierdoor wordt de belevingswaarde van deze site in hoge mate versterkt.  Voor de bouw van de botter wordt een beroep gedaan op professionele scheepsbouwers uit Spakenburg (Nederland) en op tal van vrijwilligers van de eigen organisatie.  Deze periode loopt dus ten minste vier à vijf jaar. 2.Het (blijvend) inzetten van deze Baasroodse palingbotter "Rosalie" voor toeristische rondvaarten op de Schelde en andere waterwegen, teneinde het toerisme in de regio Scheldeland en alle daarin gelegen belangrijke scheepswerven extra te ondersteunen, aangevuld met een (inter)nationaal potentieel als varende ambassadeur van de hele regio Scheldeland en het recreatief toerisme in Vlaanderen.  Deze exploitatie volgt op de bouwperiode. In de twee komende projectjaren "2012 en 2013" richt de vzw zich vooral op de realisatie van:

  • de verdere afbouw van het casco van de palingbotter op de site
  • het installeren van de dieselmotor en afwerking van het interieur
  • de tewaterlating van het schip tijdens een speciaal evenement en verder aftimmeren van het schip op het water: vanaf dit publieksevenement laat de vzw het publiek niet meer los ... ze blijft daarom continu de aandacht trekken door regelmatig nieuwe highlights (mast, zeilen, proefvaart) aan te kondigen, na deze toeristische ontsluiting van dit project!


Aanvrager: Scheepvaartmuseum Baasrode vzw
Subsidiebedrag: 87 931 euro

Naar overzicht


De versterking van de toeristisch-recreatieve ontsluiting van het kasteel van Horst
Dit project beoogt de versterking van de toeristisch-recreatieve ontsluiting van het kasteel van Horst.
De realisatie van de volgende fasen van de ontsluiting van het kasteel van Horst zal gelijktijdig lopen met de realisatie van de volgende fasen van de restauratie (opgedeeld in vijf restauratiefasen, geraamd over een totale looptijd van tien jaar). Er kon voor gekozen worden om de ontsluiting te laten volgen op de restauratie, d.w.z. telkens als er een deel gerestaureerd is, wordt het meteen ook ontsloten voor het publiek. Gezien de lange duur van de restauratie zou dit echter betekenen dat er in de eerstvolgende jaren nog maar relatief weinig te ‘ontsluiten’ zou vallen – te weinig om een bezoek aantrekkelijk te maken voor een groot publiek. Daarom is er gekozen voor een scenario waarbij meteen meer ruimtes (maar niet alle) in het kasteel (in zijn geheel of gedeeltelijk) ontsloten worden, ook in de delen die voorlopig nog niet gerestaureerd worden.  Dit zal ervoor zorgen dat het kasteel van Horst op vrij korte termijn bijna volledig bezoekbaar is, op een manier die aantrekkelijk is voor een breed publiek. De evocatie van een van de vroegere de vroegere functies van het kasteel van Horst – een pronkkasteel voor feesten en jachtpartijen – in het creatieve ontsluitingsconcept maakt van het gebouw en de site een warme, gastvrije plek. De ambitie is om met een innovatieve werking de levendigheid en beleving van Horst verder te ontwikkelen en zo van Horst een levend monument te maken en een dynamische plek met plaats voor een prikkelende dialoog tussen bezoeker en site. Horst heeft behoefte aan mensen die gehecht zijn aan dit monument, die er bijgevolg zorg voor willen dragen en het actief willen benutten: een Horstgemeenschap. Met het stimuleren van betrokkenheid, participatie en cocreatie speelt Horst in op een aantal trends in de samenleving en specifiek in de cultuur- en erfgoedsector. Tegelijkertijd is het concept voor Horst nieuw en experimenteel. Er zijn verschillende doelstellingen in de communicatie rond het kasteel van Horst in de komende jaren: nieuwsgierigheid opwekken, aanzetten tot bezoek, herhaalbezoeken stimuleren, betrokkenheid creëren, participatie bewerkstelligen. Die communicatie is van het begin af aan interactief en gelaagd, met verschillende stappen: website en Facebookpagina rond gastvrouw Marianne, kick-offmeeting, stakeholdermapping ... De output is een concreet plan voor de Horstgemeenschap, die een eigen rol krijgt in de uitbating en de uitstraling van het kasteel. De Horstgemeenschap maakt gebruik van de gastvrijheid van Marianne en geeft mee het feest in het kasteel gestalte op een heel eigen manier. Het ontwikkelen van deze gemeenschap is een proces dat nooit af is. Sociale media en de website spelen een centrale rol in het continu dynamiseren. Toerisme Vlaanderen betoelaagt in deze fase de inrichting van enkele zalen en een aantal touchscreens verspreid over de site, passend in het ontwikkelde ontsluitingsconcept.

Aanvrager: Erfgoed Vlaanderen vzw
Subsidiebedrag: 207 989 euro

Naar overzicht


Wandelnetwerk Pajottenland – fase 3
Het project beoogt de effectieve realisatie op het terrein van de derde fase van het wandelnetwerk Pajottenland volgens het knooppuntensysteem. Het huidige wandelnetwerk wordt uitgebreid naar de gemeenten Galmaarden, Herne en Bever. Ook wordt onderzocht of het wandelnetwerk met een paar lussen kan uitgebreid worden op het grondgebied van Dilbeek (deelgemeenten Scherpdaal en gehucht Sint-Anna-Pede), Sint-Pieters-Leeuw (deelgemeenten Vlezenbeek en Sint-Laureins-Berchem) en Halle. Daarnaast wordt ook een zone aan / over de grens met Oost-Vlaanderen gerealiseerd, het Stiltegebied Dender-Mark. Qua gebiedsuitbreiding is het de bedoeling de zoekzone die is afgebakend voor dit wandelnetwerk maximaal te benutten. Binnen het project is er een onderdeel monitoring van wandelaars voorzien. Naast het effectief tellen van wandelaars, wordt gepeild naar de tevredenheid en de bestedingen van wandelaars op het netwerk, om zo de economische impact van het wandelnetwerk in kaart te brengen.

Aanvrager: Toerisme Vlaams-Brabant vzw
Subsidiebedrag: 105 191 euro

Naar overzicht


Archeo-historische site Hertogelijk Paleis van Tervuren
De archeo-historische site van het Hertogelijk Paleis van Tervuren, die deel uitmaakt van het Park van Tervuren (met ook het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika) gaat in oorsprong terug op de primitieve residentie die de hertogen van Brabant in het laatste kwart van de 12de eeuw – eerste kwart van de 13de eeuw lieten oprichten. Doorheen de daaropvolgende eeuwen kende deze residentie diverse uitbreidingen en verbouwingen. In de 2de helft van de 18de eeuw onderging het kasteel een laatste grondige verbouwing waarbij het omgevormd werd tot een luchtige 18de-eeuwse zomerresidentie voor de Oostenrijkse landvoogd Karel Van Lorreinen. Voor het ontwerp tekende Laurent-Benoît Dewez, die als hofarchitect van de landvoogd het neo-classicisme in de Zuidelijke Nederlanden binnenbracht. Op het einde van de 18de eeuw werd het kasteel gesloopt in opdracht van de Oostenrijkse keizer Jozef II. Vandaag is het kasteel herleid tot een archeologische site die deels door archeologisch onderzoek in de jaren 1980 werd blootgelegd en deels nog onder het maaiveld steekt. Het doel van dit voorliggend project is om het zeer rijke erfgoedverhaal van deze site, zowel wat zijn materiële als immateriële facetten betreft, cultuurtoeristisch te ontsluiten. Concreet gaat het om de aanleg van een toegangspad en een pad rondom de site, een trap naar de blootgelegde delen, visualisering van de niet-blootgelegde delen (d.m.v. gekleurde blokken architectonisch beton van verschillende breedten), zitbanken, een rust- en uitkijkpunt, infoborden, een maquette, verlichting. Het project zal een meerwaarde betekenen voor alle ontwikkelingen in het Park van Tervuren.

Aanvrager: Gemeente Tervuren
Subsidiebedrag: 308 534 euro

Naar overzicht


Herinrichting regionaal toerismekantoor Halle, fase 2

In 2008 werd met de steun van Toerisme Vlaanderen het toerismekantoor in het Historisch Stadhuis van Halle heringericht, op voorwaarde dat dit later, in het kader van de globale restauratie, uitgebreid en heringericht zou worden, onder meer wat betreft omvang van het belevingsgedeelte en de toegankelijkheid voor mindervaliden. Gezien de omvang van het totaalproject werd toen ook de mogelijkheid van tussenfasen voorzien. Een dergelijke tussenfase maakt het voorwerp uit van deze aanvraag en omvat twee luiken:

  • Luik 1: digitaal audiovisueel project ‘Mysterie van de Bouwmeester’:
    Concreet is het Mysterie van de Bouwmeester een digitale rondleiding in de basiliek met Hubert Damen, bekend van Witse. Opzet is er voor te zorgen dat de levendige belangstelling voor de St.-Martinusbasiliek en daarmee samenhangend voor de oude stad Halle niet verloren gaat als gevolg van de sluiting voor de restauratie van de basiliek gedurende twee jaren en dit door nu reeds een deel van de belevingsvoorzieningen, gepland voor het toeristisch bezoekerscentrum in het Historisch Stadhuis, te realiseren en voorlopig in een daarvoor ingerichte ruimte in de basiliek zelf onder te brengen. Tijdens de sluitingsperiode van de basiliek is een blijvende link met de historische bedevaartplaats (letterlijk) belangrijk. Daarom wordt er in de basiliek ook een opstelling van het Mariabeeld plus kaarsenkapel voorzien. Dit project laat meteen toe de op dat ogenblik volledig gerestaureerde buitenzijde van de basiliek toeristisch te valoriseren. Het belang hiervan blijkt uit het feit dat in de voorbije jaren ongeveer de helft van de in de regio geboekte (ca. 700 / jaar) begeleide daguitstappen en groepsbezoeken via Halle gebeuren. Achteraf zullen deze voorzieningen een plaats krijgen in het streekbezoekerscentrum.
  • Luik 2: conceptuele voorstudie voor de inrichting van toerismekantoor en bezoekerscentrum:
    Als gevolg van de in 2008 aangegane verbintenissen heeft de Stad Halle het bouwkundig dossier voor de restauratie, herinrichting en uitbreiding van het Historisch Stadhuis ingezet. Via een wedstrijd werd het architectuurkantoor Karel Breda aangeduid en het vergunningsdossier nadert nu al stilaan zijn voltooiing. Dit is in voldoende mate in detail uitgewerkt om te kunnen starten met de conceptuele voorstudie van het toeristisch gedeelte ervan.


Aanvrager: Toerisme Halle
Subsidiebedrag: 85 598 euro

Naar overzicht


Ontwikkeling van het Markpad als ruggengraat van de uitbreiding van het ‘wandelnetwerk Pajottenland’ naar Herne, Galmaarden en Bever

Het huidige Wandelnetwerk Pajottenland (geopend in september 2010) wordt in 2012-2013 uitgebreid met de gemeenten Herne, Galmaarden en Bever (fase 3). Momenteel worden de trajecten voor deze uitbreiding voorbereid door een samenwerking tussen het Regionaal Landschap Zenne, Zuun en Zoniën vzw, de betrokken gemeenten en Toerisme Vlaams-Brabant vzw. Voor de signalisatie en ontwikkeling van de wandelkaart heeft Toerisme Vlaams-Brabant vzw eveneens tegen 1 februari 2012 een subsidieaanvraag i.k.v. het impulsprogramma Vlaamse regio's ingediend bij Toerisme Vlaanderen. De ruggengraat waaraan het wandelnetwerk fase 3 zal worden opgehangen bestaat uit het 17 km lange wandelpad langsheen de rivier de Mark in gemeenten Galmaarden en Herne. Voor de aanleg van dit Markpad zijn een aantal infrastructuurwerken nodig met het oog op een kwalitatieve verbetering van de betreedbaarheid van dit onverhard pad. Gezien de verschillende aard van de werken (infrastructuurwerken versus bewegwijzering) en bijgevolg ook financiering (gemeenten versus Toerisme Vlaams-Brabant vzw) is in overleg met de verschillende partners geopteerd om het project van het Markpad apart in te dienen van het project van het wandelnetwerk fase 3.

De opening van de uitbreiding van het wandelnetwerk is voorzien in mei 2013. Het traject van het Markpad ligt volledig binnen de zoekzone 'Pajottenland' zoals die gedefinieerd werd door Toerisme-Vlaanderen.

Aanvrager: Gemeente Herne
Subsidiebedrag: 22 788 euro

Naar overzicht


Inrichten Schepenhuys tot hedendaags toeristisch infokantoor
Het project wil van het Schepenhuys een toegankelijk hedendaags toeristisch onthaal maken dat kan dienen als uitvalsbasis voor een bezoek aan de gemeente Beernem en omgeving. Daarnaast moet het ook een volwaardig instap- en inrijpunt worden voor de regio Brugse Ommeland, met ruimte om in te spelen op de belangrijkste toeristisch-recreatieve thema's in Beernem en de regio. De herinrichting van de toeristische balie moet zorgen voor meer openheid en meer ruimte voor informatie en interpretatie.

Concreet komt er een functionele infobalie. Daarnaast wordt er ook werk gemaakt van de toegankelijkheid. Het gebouw wordt aangepast aan de resultaten van het toegankelijksonderzoek, uitgevoerd door Westkans, zodat de publiek toegankelijke delen van het gebouw werkelijk voor iedereen toegankelijk zijn. Er komt ook een toegankelijk sanitair blok binnen de muren van het gebouw met integratie van een openbaar toilet dat ook toegankelijk is buiten de openingsuren van de dienst.  Het toeristische luik wordt gecombineerd met de pleinfunctie van de Markt van Oedelem. De Markt en omgeving van Oedelem worden heraangelegd.

Aanvrager: Gemeente Beernem
Subsidiebedrag: 12 976 euro

Naar overzicht


Optimalisatie Onthaal Toerisme Diksmuide – fase 2: interpretatieruimte stad en streek
Fase 1 van dit dossier, het vernieuwen van het toeristisch infokantoor, werd in 2008 gesubsidieerd voor een bedrag van 252 000 euro. Het vooronderzoek voor de realisatie van fase 1 heeft nieuwe opportuniteiten aan het licht gebracht,  die in een tweede fase zullen aangepakt worden.

Voor een optimale toeristische ontsluiting wil de stad Diksmuide de ruime kelders onder het stadhuis omvormen tot een interpretatieruimte. Deze ruimtes hebben een sterke uitstraling door de specifieke geschiedenis van het gebouw, en zouden ingericht worden om een boeiend 3-ledig verhaal over het gebouw zelf,  de stad Diksmuide en de (grensoverschrijdende) Westhoek te vertellen.

Deze verhaallijnen zullen worden gebracht aan de hand van enkele sprekende (historische) objecten, waarvan de achtergrondinformatie of het verhaal zelf zo beklijvend, mystiek of prikkelend is, dat de bezoeker vanzelf meer wil ontdekken van de omgeving. Het wordt een infopunt voor stad en streek.

Beide fases moeten leiden tot een optimaal infopunt, waar zowel de snelle zapper als de fijnzinnige toerist zijn gading zal vinden. tezelfdertijd wordt de toegankelijkheid aangepakt: zowel in het historisch gebouw (beschermd) zelf als het toeristische gedeelte worden een aantal ingrepen gepland om het toegankelijk te maken.

Aanvrager: Stadsbestuur Diksmuide
Subsidiebedrag: 290 064 euro

Naar overzicht


Herinrichting van het Vlasmuseum – Fase 2
Het huidige Vlasmuseum is nu aan actualisering toe. De stad Kortrijk zal dit museum dan ook herprofileren naar een vlasbelevingscentrum. Dit centrum komt in de vroegere gebouwen van de "Linen Thread Company" op een toeristisch strategische locatie in Kortrijk aan de hernieuwde Leie. De bedoeling van deze nieuwe attractie is tweeledig. Enerzijds wil de stad met de collectie van het Vlasmuseum een interactief en inspirerend doe-, leer- en beleefcentrum maken rond textiel, waarbij de ontwikkelingen in de vlasnijverheid de rode draad zijn. Anderzijds wil de stad Kortrijk het grote publiek laten kennis maken met het internationaal gewaardeerde ondernemerschap en baanbrekend vakmanschap van de regio vroeger en nu, met in het bijzonder ook aandacht voor het zakentoerisme (MICE).

De nieuwe locatie in een reconversiezone aan de Leie zal de bereikbaarheid aanzienlijk verbeteren en de vernieuwde eigentijdse presentatie zal de leesbaarheid van de collectie zeker ten goede komen.

Het vlasthema zal op een veelzijdiger manier worden gepresenteerd. Hierbij heeft het VBC niet enkel oog voor het vlasverleden (museale collecties), maar gaat het de hedendaagse toepassingen en eindproducten van vlas in de kijker zetten. De ‘Wonderkamer’ op het gelijkvloers laat de bezoeker kennismaken met de grote rijkdom aan vlasproducten (plant en eindproducten) en de diversiteit ervan in een labosfeer. Het bezoek moet beleving en bewondering opwekken. Naast de ‘Wonderkamer’ is er een toeristisch onthaal voorzien waar het buitenverhaal wordt vertelt: het VBC als instappunt voor fiets- en wandelroutes in de regio en als toegangspoort voor erfgoedsites m.b.t vlas in de regio.

Het project is duidelijk gelieerd aan het vlasverleden van Kortrijk en versterkt de identiteit van de regio.

Aanvrager: Stad Kortrijk
Subsidiebedrag: 554 059 euro

Naar overzicht


Toegankelijk maken van stadhuis en landhuis m.i.v. ‘het verhaal achter het front’

Het ingediende project is een vervolg op het project 'Stadhuis en Spaans Paviljoen, het verhaal achter het front'. Stadhuis en Landhuis zijn twee aaneengesloten gebouwen met onderlinge doorgangen. Beiden zijn - samen met de aangebouwde Belforttoren - integraal als monument beschermd sinds 1939. Er wordt op de eerste verdieping van het stadhuis in de Albertzaal een belevingsruimte rond WO I voorzien. Met dit nieuwe project wil Veurne die eerste verdieping van het Stadhuis en Landhuis toegankelijk maken. 

Voornaamste aandachtspunten zijn hierbij:

  1. Het oplossen van knelpunten i.v.m. verticale verplaatsingen door het installeren van een lift
  2. Het aanbieden van toegankelijk sanitair. Er is momenteel geen toegankelijk sanitair in de gebouwen.
  3. Lockers voorzien op het gelijkvloers: 6 in de schouw op lage hoogte voor mensen met een beperking en 24 onder de tussenverdieping.

Deze investering komt ook ten goede aan het infokantoor en de interpretatieruimte op het gelijkvloers.

Aanvrager: Stadsbestuur Veurne
Subsidiebedrag: 124 868 euro

Naar overzicht