Getuigenissen ervaringsdeskundigen

De voorbije 20 jaar heeft Toerisme Vlaanderen daar samen met verschillende ervaringsdeskundigen, experts en partners hard aan gewerkt. Zonder hen zouden we niet staan waar we vandaag de dag staan. Daarom laten we hieronder graag enkele ervaringsdeskundigen aan het woord.

 

 

Karen Van Goethem is moeder van twee tienerzonen. Na een dwarslaesie, tien jaar geleden, moest ze lange tijd revalideren. Korte afstanden loopt ze met een kruk, voor lange afstanden heeft ze een rolstoel nodig.

“Een fijne reis begint voor mij bij een goeie voorbereiding, zodat ik niet voor onaangename verrassingen kom te staan. Betrouwbare informatie is dan ook essentieel. De toegankelijkheidslabels van Toerisme Vlaanderen zijn een handig hulpmiddel.”

“Wij trekken meestal naar de Oostenrijkse Alpen, maar we gaan ook regelmatig naar Nieuwpoort. De mooiste reiservaring in Vlaanderen was een weekendje uitwaaien in het Scheldeland. We verbleven in B&B Mettes in Buggenhout. Die is volledig toegankelijk en de uitbaters zijn erg gastvrij. Je hebt er ook mooie natuur en historische bezienswaardigheden. Alles samen echt een unieke ervaring.”

“Vakantie is voor mij: even uit de realiteit stappen, je zorgen even achter je kunnen laten. Tot rust komen en je hoofd leegmaken. En tegelijkertijd genieten van wat de bestemming te bieden heeft. Dat hoeven geen grootse dingen te zijn. Ik kan intens genieten van de natuur, van mooie architectuur, van een gezellig etentje...”

“Het is niet je beperking die maakt wie je bent, maar hoe je ermee omgaat. Ik denk vaak aan wat een lieve vriendin ooit zei: ‘Binnen je beperkingen zijn je mogelijkheden oneindig.’ Wees helemaal in het nu, geniet van het moment en laat je niet sturen door je angsten of gedachten. Op vakantie, en daarbuiten.”

 

Toegankelijkheidslabels zijn een handig hulpmiddel

banner met karen en scheldeland

Op vakantie komt mijn beperking even op de laatste plaats

Geert Dumoulin is rolstoelgebruiker en toegankelijkheidsmedewerker bij Inter, het Vlaams expertisecentrum voor toegankelijkheid.

Geert: “Vakantie is voor mij: een fijne tijd beleven waarin mijn beperking even op de laatste plaats komt. Persoonlijk hecht ik veel belang aan een klantvriendelijkonthaal: het gevoel dat uitbaters en personeel extra hun best doen om je een onbekommerde vakantie te bezorgen.”

“In Verblijfpark De Wielen in Blankenberge hebben we een chalet, waar we veel naartoe gaan met het gezin. Daar voelen we ons helemaal thuis. Jezelf verwennen met een weekendje, even uit je vertrouwde omgeving zijn. En met de tram kan je als rolstoelgebruiker probleemloos én zelfstandig naar elke badstad, van Knokke tot De Panne, dankzij het Ticket naar de zee.”

“Eind jaren ’90 ben ik als ervaringsdeskundige aan de slag gegaan bij Westkans, een van de voorgangers van Inter. Ik kwam toen geregeld in contact met uitbaters, en die zeiden vaak dat mensen met een beperking niet geïnteresseerd waren om in hun hotel te logeren. Terwijl het volgens mij precies omgekeerd was: ze kwamen juist niet omdát het hotel niet toegankelijk was.”

“In vergelijking met twintig jaar geleden is de situatie geweldig verbeterd. Dat is te danken aan veel initiatieven, maar ik wil er twee uitlichten. Er is de website van Toegankelijk Vlaanderen, waar mensen alle gecontroleerde toegankelijkheidsinfo kunnen vinden. En er zijn de brochures met toegankelijke verblijven van Toerisme Vlaanderen. Wanneer je daar een vakantie uit kiest, weet je wat je mag verwachten. De verblijven in de brochure zijn grondig gecontroleerd door Inter. En op basis daarvan kregen ze het A of A+-label.”

“Het liefst ga ik naar een verblijf met het toegankelijkheidslabelA+. Dat wil zeggen dat je erzelfstandig kan verblijven. Dat is fijn voor jezelf, maar ook voor je partner en kinderen. Zij hebben ook vakantie: dan is het fijn dat ze je geen of zo weinig mogelijk assistentie hoeven te bieden.”

“Toch zijn we er nog niet. In andere toeristische brochures en op websites is het vaak nog zoeken naar correcte informatie over de toegankelijkheid, zowel van de infrastructuur als van de omgeving. Daar zou nog meer op ingezet moeten worden.”

 

banner image geert aan de zee

Helga Stevens is sinds haar geboorte doof. Ze was jarenlang actief in de politiek: eerst als Vlaams volksvertegenwoordiger en lid van de Gentse gemeenteraad, daarna als Europees Parlementslid. Sinds 2020 is ze directeur van Doof Vlaanderen, een organisatie die streeft naar een gelijkwaardige behandeling van doven en slechthorenden.

Helga: “Vakantie is voor mij: losbreken uit de routine. Het is een adempauze in de ratrace van het leven, en tegelijk een kans om met man en kinderen samen te zijn en leuke dingen te doen: wandelen, lekker eten, genieten van de zon, even niks moeten... Gelukkig hoef je er niet ver voor te gaan, want Vlaanderen verveelt nooit. Met als persoonlijke uitschieter: in het voorjaar naar de Haspengouwsebloesems gaan kijken, als het weer het toelaat in onze open Citroën Méhari – ik ben een liefhebber van oldtimers. Fantastisch, en dat zeg ik niet alleen omdat ik in de streek geboren en getogen ben (lacht).”

“Wat ik soms mis, zijn gidsen die Vlaamse gebarentaal beheersen, of visioguides die ermee werken. BOZAR geeft het goede voorbeeld, maar andere musea zouden meer moeten doen om gidsen op te leiden. Het bestaande vormingsaanbod is onvoldoende toegankelijk voor dove mensen die geïnteresseerd zijn om te gaan gidsen. En ook websites moeten meer ruimte geven aan Vlaamse én internationale gebarentaal – zelfs de site van Toerisme Vlaanderen. Overigens: voor dove bezoekers is het ook niet zo evident om telefonisch te reserveren.”

“De toestand is zeker verbeterd, maar er is nog te weinig aandacht voor integrale toegankelijkheid voor toeristen met een beperking. Het openbaar vervoer is nog te weinig inclusief, wat een rem zet op de mobiliteit van reizigers met een beperking. Of kijk naar de recente discussie rond het Gentse Gravensteen: sommige mensen vonden het niet kunnen dat er aan de buitenkant een lift zou komen, en vroegen zich zelfs af of rolstoelgebruikers daar wel per se naar boven moeten kunnen. Gemakkelijk praten, als je zelf geen beperking hebt.”

 

Meer gidsen in Vlaamse gebarentaal

banner image helga bij bloesems

Vraag eens wat vaker naar onze mening

Monica De Muynck verloor op latere leeftijd van de ene op de andere dag haar gehoor. Intussen is ze voorzitter van AHOSA (Anders HOren Samen Aanpakken), een vereniging die meer openheid wil creëren voor doven en slechthorenden. Samen vormen die 10% van de bevolking, maar ze blijven onderbelicht. Dat geldt zeker voor de grootste groep, die zich niet met gebarentaal maar met gesproken taal uitdrukt.

Monica: “Vakantie is voor mij: alles loslaten, genieten met zijn tweetjes of met vrienden, de batterijen weer opladen. Bijvoorbeeld tijdens een fietsvakantie, waarin we van knooppunt naar knooppunt rijden. Zo hebben we het Heuvelland gedaan, dat is me bijgebleven. Net zoals die ene avond waarop ik iets te hevig in de Picon met witte wijn gevlogen ben (lacht).”

“In eigen land valt er veel te beleven - en door mijn beperking heb ik daar misschien extra behoefte aan. Normaal gaat mijn hoorapparaat overdag nooit uit, en het geeft alle geluiden versterkt weer. Dat is vermoeiend, zeker als er ook nog eens storend achtergrondgeluid is. Ik moet me de hele dag inspannen om alles te begrijpen. Iemand belt, iemand anders stuurt een berichtje, ik moet ook nog mijn huishouden doen... Dan kan het soms te veel worden.”

“Mensen zien ook niet aan me dat ik niet goed hoor, dus ze spreken vaak te snel, articuleren niet duidelijk… Het zou fijn zijn als ze wat vaker aan me zouden vragen of ik alles goed begrepen heb. Als ik sta te luisteren naar de gids in een museum, ga ik dicht bij hem staan en kijk ik in zijn ogen. Dan waarschuw ik: ‘Ik ga veel in uw ogen kijken, maar denk niet dat ik verliefd op u ben!’ (lacht)”

Er zouden meer stille ruimtes mogen zijn voor slechthorende en dove mensen, net als voor mensen met autisme. In de horeca laat de akoestiek dikwijls te wensen over. En waarom nodigen musea niet wat meer slechthorende en dove mensen uit om hun audiogidsen en dergelijke te testen? Het geluid is vaak niet zo goed. Mensen doen hun best, hoor. Maar het zou nog beter zijn als ze ons wat meer onze mening zouden vragen.”

 

banner monica bij achtergrond natuurlandschap

Je herkent hem misschien van tv: Jaimie Van Kerschaver. In 2020 deed hij mee aan ‘Down the road’, het Eén-programma waarin Dieter Coppens samen met een groep jonge mensen met het Downsyndroom op reis gaat. Jaimie hield er een vriendin aan over, Sophie. En ook een andere droom is uitgekomen: sinds vorig jaar woont hij samen met vier vrienden in een woonproject voor mensen met een beperking.

Wat betekent vakantie voor jou?

Jaimie: “Vriendschap en landschap. Onder de mensen komen, en nieuwe mensen leren kennen. Op vakantie kan je genieten!”

Wat was tot nu toe je mooiste vakantie?

Jaimie: “Die met ‘Down the road’. We zijn naar Marokko, Marrakech en ook Madrid geweest. Er was veel vriendschap, en ook veel landschap. En ik heb er de ware liefde gevonden: Sophietje!”

“Deze winter zijn we met het gezin naar Egypte geweest. Dat was ook fijn. Aan het zwembad liggen, aperitiefjes drinken… Ik mocht ook muziek draaien voor de andere gasten – dan ben ik DJ Jack! Thuis zijn we daarna wel in quarantaine moeten gaan, want we wilden niemand besmetten.”

Ben je ook al in Vlaanderen op vakantie geweest?

Jaimie: “Met Briek (een West-Vlaamse organisatie die vrijetijdsinitiatieven organiseert voor mensen met een beperking, red.) ben ik naar de Hoge Rielen geweest. Dat was fantastisch, vooral de spelletjes. Ik ben ook al naar een museum van dino’s geweest, naar een museum over de wereldoorlog, en naar een rondleiding in een brouwerij.”

Waar zou je nog eens naartoe willen?

Jaimie: “Het is leuk om in Vlaanderen op vakantie te gaan. Maar het liefst zou ik eens naar Napels willen. Voor Dries Mertens. Topvoetballer, ik ben een grote fan!”

 

De ware liefde gevonden

De beste reiservaring van mijn leven!

Kunstenares Tonia In Den Kleef is blind. Ze adviseert en sensibiliseert toonaangevende musea over toegankelijkheid en organiseert rondleidingen voor mensen met een visuele handicap.

Tonia: “Vakantie, dat is voor mij: nieuwe dingen ontdekken, luisteren naar andere meningen, kennismaken met andere culturen, zonder dat mijn beperking me in de weg zit.”

“Normaal ga ik op reis met mijn vriend. Hij moet me begeleiden, de route uitzoeken, op restaurant de menukaart voorlezen, én ook nog alles beschrijven wat hij onderweg ziet. Maar één keer zijn we op citytrip naar Rome gegaan, en toen hadden we een ver familielid bereid gevonden om ons rond te leiden, als een soort privégids. Ik wist veel van de oude Romeinen, maar daar heb ik nog veel bijgeleerd. De beste reiservaring van mijn leven!”

“Hier in Vlaanderen ga ik graag naar zee, omdat ik daar in mijn eentje kan gaan wandelen met mijn geleidehond. Vooral in de winter, als er weinig mensen zijn. Op het strand kan je je makkelijk oriënteren.”

“Met mijn vriend ga ik graag naar musea en erfgoedsites, maar soms is daar toch nog werk aan de winkel. Heel wat musea doen wel inspanningen om toegankelijker te worden, maar dat sijpelt niet altijd door naar het personeel aan de balie en in de zaal. Soms hoor ik pas achteraf dat er een interessant aanbod voor slechtziende mensen was. En als we na het bezoek nog ergens iets willen gaan drinken, gebeurt het geregeld dat mijn hond en ik niet binnen mogen, ook al zegt de wet dat assistentiehonden overal toegelaten zijn.”

“Gelukkig zijn er nog genoeg plekken waar het wél goed geregeld is. Een interessant museum met een toegankelijke collectie – het Middelheim in Antwerpen bijvoorbeeld, da’s een openluchtmuseum waar je de beelden mag aanraken. Of een rustige plek in de natuur, waar ik kan genieten van de geuren van het bos, het gefluit van de vogels of het geruis van de wind.”

Ook op zoek naar toegankelijke kunst? Kijk op www.KunstZonderZien.be

 

campagne beeld van tonia op achtergrond van erfgoed kerk

Op deze pagina bundelen we alle getuigenissen van onze ervaringsdeskundigen.